Bloedonderzoek

Uit het bloed kan veel informatie worden gehaald, bijvoorbeeld of er sprake is van bloedarmoede, ontsteking, suikerziekte, schildklierproblemen, nier- of leverfunctiestoornissen of een te hoog cholesterol.

De prikprocedure

U krijgt eerst een stuwband rond de bovenarm. Er wordt een ader opgezocht (meestal in de elleboog) en er wordt een punctie gedaan met een naald. Als de punctie goed gelukt is wordt de stuwband losgemaakt. Daarna worden er diverse buisjes bloed afgenomen, afhankelijk van wat er aangevraagd is. Vervolgens wordt de naald uit de ader verwijderd en wordt de prikwond afgedrukt met een gaasje.

Problemen

De puntie kan soms pijnlijk zijn, de ader kan soms niet direct goed worden aangeprikt en er kan een bloeduitstorting onstaan.

Nuchter

Soms is het voor de interpretatie van de uitslag van het laboratoriumonderzoek noodzakelijk dat u nuchter bent. Door eten en drinken kunt u tijdelijk te veel vetten of suikers in uw bloed hebben. De uitslagen kunnen dan te hoog of te laag zijn. De cardioloog kan hierdoor de resultaten niet goed beoordelen. Als u nuchter bent, kunnen de juiste waarden wel gemeten worden. Uw behandelend arts geeft aan voor welk onderzoek u nuchter moet zijn.

Wat betekent nuchtere bloedafname voor u?

- De avond voor het onderzoek mag u vanaf 23.00 uur niet meer eten, drinken en/of roken. Water drinken mag altijd.
- U kunt uw medicijnen gewoon innemen.
- U kunt iets te eten en/of te drinken meenemen. Na de bloedafname kunt u dit nuttigen waardoor een eventuele misselijkheid snel verholpen is.

De bepaling

Het bloed wordt opgehaald en de bepalingen worden gedaan door het Reinier de Graaf Medisch Diagnostisch Centrum. De cardioloog krijgt hiervan de uitslag.

De uitslag

De cardioloog bespreekt met u telefonisch de uitslag van het bloedonderzoek